Wel de lasten, niet de lusten

Bron: Peter Kamps, De Limburger, Zaterdag 5 December.

Peter Kamps is commentator van De Limburger en schrijft wekelijks over economie, politiek, openbaar bestuur en ondernemerschap in Limburg.

LIMBURGSE ZAKEN

Limburg staat aan de vooravond van een ingrijpende energietransitie. In Noord- en Midden-Limburg is de opwekking van groene stroom al voortvarend van start gegaan, maar in Zuid-Limburg wil de vaart er maar niet inkomen. Dat komt omdat in het noorden burgerparticipatie wel serieus wordt genomen en in het zuiden nog niet, zegt Wim Fleuren.

Noord- en Midden-Limburgers houden van aanpakken, eigen initiatief en niet leunen op de overheid. Een erfenis van eeuwenlang boeren op schrale zandgrond, wordt vaak als demografische oorzaak genoemd. Zuid-Limburgers staan daarentegen niet zo initiatiefrijk en zelfredzaam in het leven. Vruchtbare lössgrond en rijke kolenvoorraden maakten het bestaan in dit deel van de provincie minder schraal. Om mijnwerkers koest en content te houden, boden de mijnbedrijven zelfs verzorging aan van de wieg tot het graf. Op eigen initiatief werd geen prijs gesteld.

Natuurlijk is dit een generalisatie, een stereotypering, maar een kern van waarheid zit er niettemin in, weet Wim Fleuren. Hij kan het weten, want de in Tegelen geboren en getogen Fleuren woont al jaren in Voerendaal en ervaart de verschillen in volksaard dagelijks. Hij noemt als voorbeeld de energietransitie. In het landelijke Noord- en Midden-Limburg zijn maar liefst twaalf energiecoöperaties actief, in het veel dichter bevolkte Zuid-Limburg zijn het er slechts zeven. De achterstand is dus groot.

De Omslag

Fleuren is zelf secretaris van de lokale energiecoöperatie De Omslag in Voerendaal. Na een moeizame start 2,5 jaar geleden kruipt de club nu pas langzaam uit de schulp met plannen voor zonnevelden. Hoe anders is dat in Noord- en Midden-Limburg. Daar timmeren de coöperaties al jaren aan de weg en worden ook successen geboekt. Burgerparticipatie in optima forma, vertelt hij. Windturbines worden er niet over de hoofden van de burgers heen neergezet, maar met hun medeweten, ondersteuning en goedkeuring. Ze zijn zelfs eigenaar van de turbines. Er is daar ook lering getrokken uit mislukkingen, zoals in Venlo. Een schoolvoorbeeld van hoe het wel moet is in Midden-Limburg te zien, weet Fleuren. Daar namen niet commerciële bedrijven het voortouw, maar de burgerij. Niet geld verdienen stond voorop, maar het zorgvuldig afwegen van alle belangen. De precieze locatie kwam pas aan de orde nadat voor voldoende draagvlak was gezorgd. Het belang daarvan kan volgens hem niet genoeg benadrukt worden, zeker nu elke Limburgse regio wordt geacht serieus werk te maken van die energietransitie. In Zuid-Limburg gaat het om een hoeveelheid elektriciteit die overeenkomt met de stroomproductie van 150 windmolens.

Volgens Fleuren vereist dat een compleet andere manier van denken. Nu gaan veel gemeenten nog liever in zee met projectontwikkelaars. Ze kiezen voor zekerheid, financieel comfort en gelikte presentaties. Coöperaties worden door de lokale politiek vaak niet voor vol aangezien, omdat ze jong, niet kapitaalkrachtig en onprofessioneel zouden zijn. Voor de gemakkelijke weg kiezen, noemt Fleuren dat misprijzend. Want coöperaties doen niet meer onder voor commerciële bedrijven en boeken zelfs betere en snellere resultaten. Hij wijst op Rescoop Limburg, een alliantie van die negentien lokale coöperaties, die over veel kennis en kunde beschikt.

Volgens Fleuren moet voorkomen worden dat het grote geld de energietransitie domineert. Hij noemt als voorbeeld een zonnepark in Maastricht, dat gefinancierd wordt door een Japans financier. Rendement is immers verzekerd, omdat de staat de opbrengst garandeert. De burger wordt op die manier buitenspel gezet, vindt hij. Hij mag wel groene stroom kopen, maar er niet in investeren. Wel de lasten, maar niet de lusten. Dat druist in tegen het streven om de helft van alle turbines en zonneweiden in ons land in lokaal eigendom te geven. In Noord- en Midden-Limburg is dat zelfs tot doel verheven, weet Fleuren.

Kerktorendenken

Zuid-Limburg is zo ver nog lang niet, zegt hij. Versnippering en kerktorendenken frustreren een gecoördineerde aanpak waarbij de belangen van de burger en het landschap wel vooropstaan. Dat begint al met het feit dat de streek opgedeeld is in drie subregio’s met elk een eigen aanpak. Er wordt daardoor veel te klein gekeken, terwijl Zuid-Limburg juist een samenhangend gebied is. Een recept voor miskleunen als je het Fleuren vraagt. Vooral het Heuvelland is te kwetsbaar voor die aanpak. Ambtenaren waarschuwen daar ook voor, maar op politiek niveau zit zoveel oud zeer dat de bereidheid ontbreekt om zaken op elkaar af te stemmen, zegt hij. Een trieste conclusie als ze klopt. Maar er is helaas weinig reden daaraan te twijfelen, gezien de notoire rivaliteit en stammenoorlogen in bestuurlijk Zuid-Limburg.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Blijf op de hoogte!

Meld u aan voor onze nieuwsbrief en voorkom dat u het laatste nieuws mist.

Meest recente berichten

Vragen of opmerkingen?